Anja (62) uit Oss: 'Als je anderen dat hoort zeggen is dat verschrikkelijk'

Anja (62) groeide op in een groot gezin waar veel mensen over de vloer kwamen. Maar achter al het plezier zat een heftige jeugd.


"Ik ben opgegroeid in het spoorhuis. Mijn vader was schilder aan het station en zo kwam hij aan het huis. We kwamen niks tekort. We zijn met vijf zussen, dus er kwamen veel kinderen over de vloer. We waren de eerste in de buurt met een televisie en dus kwam iedereen bij ons in de woonkamer. Mensen mochten mee-eten, vriendinnen bleven slapen. Dat was nooit een probleem. Ook kwamen ze van onze kersenboom plukken. Daar hingen de kinderen dan in de boom, werd zo gezegd.

Toch was er ook de heftigheid. Als tiener hoorde ik eens: ‘het is een probleemfamilie.’ Ik kon wel door de grond heen zakken. Ik wist het wel, maar als je anderen dat hoort zeggen is dat verschrikkelijk.

'Het heeft ons getekend'

Mijn vader had hele goeie kanten, maar hij ging op een gegeven moment drinken. Er zijn daardoor veel dingen gebeurd toen wij kinderen waren. Mama zei altijd dat we dat stil moesten houden: ‘niet vertellen, niemand hoeft iets te weten.’ Ik ben van binnen heel boos geweest, het heeft ons echt getekend.

Toen we oude brieven vonden kwamen we er pas achter dat mijn vader bij de ondergrondse zat en ook heeft vastgezeten. Daar had hij nooit over verteld. Hij heeft mensen gezien, zo dun als lucifers, die in wagons werden weggevoerd. Dat zal hij nooit zijn vergeten.

Zware rugzak

Er zijn ook wel echt goeie kanten aan mijn vader. Als mijn fiets kapot was, maakt hij die dezelfde avond nog. En hij bracht ons overal naartoe.
Ik vind dat altijd wel belangrijk om erbij te zeggen. Ik probeer het goede in iemand te zien.

Als mij iets dwars zat vroeger kon ik het maanden niet zeggen en dan kwam het er ineens uit. ‘Oh heb ik nou niet iets verkeerds gezegd’, dacht ik dan wel meteen. Mij was geleerd om dingen stil te houden. Gelukkig hoef ik nu niet meer met zoveel te lopen. Het was best een zware rugzak.