Laatste verdachte in zaak familie R. weigert nog langer deel te nemen aan het proces

Ook de laatste verdachte in het proces tegen de Osse familie R., Martien van der P., heeft het vertrouwen in de rechtbank opgezegd. "Deze hele zaak stinkt."

Martien van der P., de 76-jarige oom van Martien R., verscheen op 11 juni voor het eerst voor de rechter. Hij was in het bijzijn van zijn advocaat heer Jansen. Hij heeft eerdere voorbereidende zittingen niet bijgewoond vanwege zijn gezondheid. Echter, hij volgt de zaak op de voet en sprak voor zover mogelijk met medeverdachten over zijn keuze. Zijn advocaat zegt over die keuze: “Ik ga niet zo ver dat het vonnis al klaar ligt. Er valt ook nog veel te zeggen over wettig en overtuigend bewijs. Toch heeft mijn cliënt besloten om niet langer op zitting aanwezig te zijn om verdediging te voeren.”

De keuze van Martien van der P. is niet alleen gebaseerd op een ‘oneerlijk proces’, maar ook op zijn slechte gezondheid. Advocaat Jansen: “Hij wil verder niet dat ik inga op zijn medische dossier, dat ik goed ken. Ik betwijfel of hij tijdens een hoger beroep überhaupt in staat is om op zitting aanwezig te zijn.”

Tussen het hoesten door probeert Martien van der P. zelf nog wel iets te zeggen. “Ik vertrouw dit zaakje niet meer. Dit stinkt aan alle kanten.” De voorzitter van de rechtbank vraagt: “Waar dan?” Waarop Martien van der P. antwoordt: “Ik wil heel veel dingen zeggen, maar dat kan ik niet.”

'Triest'

Advocaat Jansen verzoekt de rechtbank om de keuze van Martien van der P. mede vanwege de slechte gezondheid van de verdachte te respecteren. De rechtbank oordeelt dat verdachte niet langer op zitting hoeft te verschijnen. Vervolgens verlaten advocaat Jansen en verdachte de zittingszaal. De rechter sluit af: “Goed, het heeft wel iets triests.”