advertentie Banner SNLR.nl

‘Werken aan snelle oplossing van conflict Osse horeca met markt’

Wethouder Thijs van Kessel gaat zijn uiterste best doen om op korte termijn het conflict tussen de horecaondernemers op de Heuvel in Oss en de marktkooplui op te lossen.

De Osse gemeenteraad nam donderdagavond unaniem een motie aan waarin de wethouder hiertoe werd opgeroepen. Als er niet snel een compromis komt dan kan op 1 juni de extra terrasruimte op de Heuvel niet in gebruik worden genomen. De gemeente gunt de horeca meer terrasruimte om ondernemers de kans te geven om ondanks de coronaregels toch wat meer klanten te bedienen. Maar dan moesten ze wel zelf met andere betrokkenen tot goede afspraken zien te komen.

Conflict

Dat is dus niet gelukt. In het conflict staan de horecaondernemers en het Centrummanagement tegenover de marktkooplui. De ondernemers willen niet twee keer per week hun uitgebreide terrassen weer opruimen om de markt daar te laten plaatsvinden. Dat zou namelijk een hoop werkzaamheden en drukte opleveren en dat is gezien de coronaregels een probleem. De marktkooplui lieten eerder weten geen zin te hebben om de markt te gaan verplaatsen naar Terwaenen en de Eikenboomgaard. Dat zou namelijk omzetverlies betekenen. De partijen in de raad betreuren het dat er geen gezamenlijke oplossing is gevonden maar denken dat die er toch nog kan komen. Maar als dat niet voor 4 juni geregeld is dan wil de raad zelf als ‘scheidsrechter’ op kunnen treden.

Frontale aanval

In de discussie over de motie opende Jan Zoll van de SP frontaal de aanval op centrummanager Jack van Lieshout. Volgens Zoll heeft Van Lieshout het al lange tijd voorzien op de markt en komt hij alleen op voor de belangen van de horecaondernemers. “Van Lieshout grijpt de coronacrisis aan om voor eens en voor altijd af te rekenen met de marktkooplui”, zo haalde Zoll fel uit. Dat kwam hem op afkeurende reacties te staan van CDA, GroenLinks en PvdA, en ook burgemeester Buijs en wethouder Van Kessel waren niet te spreken over de persoonlijke aanval op iemand die zich niet in de raad kon verdedigen.